In een vorig artikel werd er in een notendop uitgelegd hoe je sterke leerlingen kan uitdagen. Er werd ook kort gesproken over de taxonomie van Bloom. Dit is een kader dat je kan gebruiken om zelf kwaliteitsvolle verrijkingsopdrachten te maken die je kan laten aansluiten op de leerstof die je als leerkracht op dat moment in de klas behandelt (om te verdiepen) of om verbredingsopdrachten te maken. In dit artikel gaan we wat dieper in op deze taxonomie. De taxonomie van Bloom ordent leerdoelen voor het onderwijs aan de hand van en zes verschillende denkniveaus waarmee je opdrachten kan maken voor de leerlingen in je klas.

Lagere orde denken

Drie van deze zes denkniveaus vallen onder het lagere orde denken. Deze drie denkniveaus richten zich vooral op feiten. Een vraag of opdracht binnen het lagere orde denken impliceert ook vaak één juiste oplossing of één juist antwoord (het zogenaamde convergente denken). Het merendeel van de leerstof in het reguliere onderwijs situeert zich binnen dit lagere orde denken. Het gaat om de denkniveaus herinneren/onthouden, begrijpen en toepassen.

  • Het laagste niveau van denken binnen de taxonomie van Bloom is “herinneren/onthouden“. Hiermee bedoelen we het opslaan van informatie in ons geheugen en het terughalen uit het geheugen wanneer men deze informatie nodig heeft. Het (klakkeloos) vanbuiten leren van een definitie, Franse woordjes of historische feiten, dit valt allemaal onder dit denkniveau.
  • Een stapje hoger binnen deze hiërarchie is het niveau van het begrijpen. Het is een stapje hoger omdat je een definitie bijvoorbeeld succesvol vanbuiten kunt leren zonder dat het noodzakelijk is dat je deze definitie ook begrijpt. Een leerling die in eigen woorden een bepaald concept kan uitleggen en niet zomaar de definitie aframmelt zonder nadenken, is een voorbeeld van begrijpen.
  • Nog een niveau hoger brengt ons bij “toepassen“. Wanneer je bepaalde kennis kan onthouden en deze ook inhoudelijk begrijpt (de twee vorige niveaus), kan je dit vervolgens ook toepassen in nieuwe situaties. Wanneer een leerling bijvoorbeeld enkele cupcakes wilt bakken en daarvoor zijn kennis van breuken inzet om een recept uit het kookboek om te zetten naar een kleinere hoeveelheid deeg, spreken we over toepassen.

Hogere orde denken

Vervolgens komen we uit bij de drie denkniveaus die vallen binnen het hogere orde denken. Men noemt dit het hogere orde denken omdat dit soort van denken een hogere mate van complexiteit vereist. Deze niveaus richten zich niet zozeer op feiten maar wel op concepten en structuren. Opdrachten binnen het hogere orde denken vergen divergent denken. Er zijn vaak meerdere antwoorden juist en bepaalde opdrachten kunnen leiden tot het ontstaan van nieuwe inzichten of ontdekkingen. De drie verschillende denkniveaus binnen het hogere orde denken zijn analyseren, evalueren en creatief denken.

  • Het eerste denkniveau binnen het hogere orde denken is het analyseren. Een opdracht die zich richt op analyseren vraagt dat men bepaalde informatie opdeelt in verschillende onderdelen. Door deze verschillende onderdelen te bestuderen wordt de structuur ervan duidelijk. Het kan gaan om het vinden van verschillen of gelijkenissen, het opsporen van bepaalde patronen, het indelen in categorieën, … Wanneer men inzicht heeft in de structuur van een bepaald onderdeel en men deze kan linken aan andere onderdelen is de basis gelegd die divergent denken mogelijk maakt.
  • Nog een denkniveau hoger is dat van het evalueren. Bij het evalueren draait het om het kunnen beoordelen van iets in relatie tot een bepaald doel aan de hand van onderbouwde argumenten. Het kan bijvoorbeeld gaan om een opdracht waarin een leerling gevraagd om een bepaalde stelling te beoordelen en ook te beargumenteren waarom hij of zij dit vindt.
  • Het hoogste denkniveau binnen de taxonomie van Bloom betreft creatief denken. Dit denkniveau draait om het ontwikkelen van nieuwe ideeën of oplossingen door kennis op een nieuwe manier met elkaar te verbinden. Een nieuwe uitvinding is een goed voorbeeld van een denkproces waarbij creatief denken onontbeerlijk is.

Verrijkingsopdrachten die het hogere orde denken stimuleren

Wanneer we cognitief begaafde leerlingen willen uitdagen, dan doen we dit door opdrachten te verzinnen of leerdoelen te formuleren die vallen binnen het hogere orde denken. Binnen het reguliere onderwijs ligt de klemtoon echter op het lagere orde denken. Door reguliere leerstof te schrappen, verminder je het aandeel van lagere orde denken en maak je plaats voor opdrachten waarbij het gebruik van hogere orde denken noodzakelijk is. Als je verrijkingsopdrachten wilt verzinnen die aansluiten op de leerstof die je op dat moment in de klas behandelt, dan biedt de taxonomie van Bloom dus een goed kader hiervoor.

Sommigen denken nu misschien: “Aha, dus als ik mijn leerlingen iets laat creëren, dan ben ik goed bezig.”. Wel dat hangt ervan af. Als het een goede opdracht is, moet je leerling namelijk ook de lagere denkniveaus onthouden, begrijpen en toepassen beheersen. Op die manier bewaak je namelijk dat deze leerling de onderwijsleerdoelen behaalt (al is het dan wel op een andere manier). Dit impliceert dat je aan je leerlingen moet duidelijk maken wat je  precies van hen verwacht tijdens het werken aan de opdracht. Best laat je ook al op voorhand aan je leerlingen weten aan de hand van welke criteria je het eindresultaat zal evalueren. Je kan bijvoorbeeld op voorhand een rubric opstellen en deze met je leerlingen delen. Rubrics worden meestal gebruikt in het hoger onderwijs, maar je kan ze ook gebruiken in het lager of secundair onderwijs. Ze vormen overigens ook een vast onderdeel van webquests.

Nieuwsgierig naar meer?

Is je interesse gewekt en ben je op zoek naar wat inspiratie of wil je nog wat verder lezen?

  • De website Talent Stimuleren biedt uitgebreid aandacht aan de taxonomie van Bloom. Kijk hier voor meer uitleg over de verschillende denkniveaus en om voorbeelden te zien.
  • Hier vind je een paar ideetjes van verrijkingsopdrachten die aansluiten bij “Het waanzinnige boek over de billosaurus en andere prehistorische wezens”.
  • Een volledig uitgewerkt voorbeeld voor in het basisonderwijs (taalles) vind je hier.
  • Nog meer voorbeelden vind je hier.
  • Ook de denksleutels kunnen een hulpmiddel zijn om opdrachten te maken die binnen het hogere orde denken vallen (voornamelijk het creatief denken komt aan bod). Deze denksleutels werden ontwikkeld door Tony Ryan. Het gaat om denkopdrachten die op een sleutel geformuleerd staan. Ze werden ook vertaald in het Nederlands en zijn hier gratis te downloaden. Deze sleutels inspireerden Minka Dumont om ook aan de slag te gaan en sleutels te ontwikkelen die zich ook op het analyseren en evalueren richten. Ze maakte denksleutels voor kleuters en voor leerlingen van het lager onderwijs. Meer info vind je hier. Op Minka’s website vind je trouwens nog ook heel wat ander materiaal zoals bijvoorbeeld kant en klare projecten of een app die leerlingen kunnen gebruiken om zelf goede hogere denkvragen te verzinnen.
  • Leerkrachten denken soms dat de taxonomie van Bloom vooral toe te passen is op wereldoriëntatie maar minder geschikt is voor andere vakken zoals bijvoorbeeld wiskunde. Dit klopt echter niet. Een artikel geschreven door Suzanne Sjoers laat zien hoe je de taxonomie van Bloom ook binnen de wiskundeles kan toepassen. Ook Plantyn ging aan de slag met de taxonomie van Bloom om verrijkingsopdrachten te maken voor het vak wiskunde in het lager onderwijs. De uitgeverij ontwikkelde Wiskanjers Twist.
  • Wij bieden enkele opleidingsdagen voor professionals aan waarin je meer te weten komt over hoe je als professional kan inspelen op de behoeften van cognitief begaafde leerlingen. Bekijk hier ons huidige aanbod voor professionals en/of schrijf je in op de nieuwsbrief en je wordt op de hoogte gehouden wanneer er nieuwe opleidingsdagen bijkomen!

Pin It on Pinterest